Headline

Slogan

Inlog formulier

Nieuwsbrieven

Blijf op de hoogte over De Rode Ridder! Selecteer hieronder de nieuwsitems waarvoor U zich wenst in te schrijven.

121. De zwarte toren

Algemene informatie

Tekeningen

Scenario

Inkleuring

Uitgiftedatum

4/1987

Samenvatting

Een zwarte toren voor de kust. Een groene lichtstraal schijnt naar een dorpje aan de kust. Een oude man verlaat zijn woonst en gaat richting zwarte toren. Hij wandelt over de zeebodem en gaat gedwee de toren binnen.
Johan die ook op het groene licht afgaat zoekt zijn weg via gladde rotsen. Zijn paard doet een val, waarna hij zich in de zee bevindt. Een golf slaat hem tegen een rots, alvorens hij het bewustzijn verliest, merkt hij nog een grote gestalte op.
Wanneer hij ontwaakt, bevindt hij zich tussen een bende rovers die het op hem gemunt hebben. Johan maakt van een onderlinge twist gebruik om de rovers te verrassen. Een korte schermutseling volstaat om de rovers op de vlucht te jagen. Op Kelso na, die de gevangene is van Johan. Kelso verklaart de reden van zijn roversbestaan. De omgeving wordt geteisterd door onverklaarbare gebeurtenissen. Het vissersdorpje wordt bewoond door spraakloze, levensloze bewoners. Geregeld worden zij geroepen door de zwarte toren. Soms keren ze nooit weer. Johan laat Kelso gaan en besluit een bezoekje te brengen aan de zwarte toren.
Na een moeizame tocht bereikt Johan de zwarte toren en krijgt er een koel onthaal van Beyre. Albertstein, de meester van Beyre onthaalt Johan een stuk gemoedelijker en stelt hem voor aan Aelia, Albertstein’s pleegdochter. Albertstein blijkt een geleerde te zijn, hij knutselt tal van mechanische voorwerpen in elkaar. Een ervan is de mechanische vleermuis van Aelia “ Argus”. Wanneer er wederom een storm opsteekt, verontschuldigt Albertstein zich, samen met Beyre rept hij zich naar de toren, om er aan zijn proefnemingen te beginnen.
Vanop de kust is Kelso getuige van het opwekken van de groene lichtstraal. Deze wordt opgewekt door een apparaat dat gebruik maakt van bliksemenergie. Johan merkt de groene straal ook op en besluit op onderzoek te gaan. Johan stormt de trappen op maar wordt onderweg tegengehouden door een woeste Beyre. Bij de schermutseling raakt Argus ernstig beschadigd. Pas wanneer Albertstein een eigenaardig wapen naar Beyre richt , kalmeert de reus. Albertsteins proefnemingen zijn door de commotie mislukt.

Wanneer de storm gaat liggen verlaat Aelia de zwarte toren. Johan blijft alleen achter, opgesloten in een kamer. Aelia rent Kelso tegemoet, er volgt een innige omhelzing. Kelso vraagt Aelia om de toren voorgoed te verlaten. Aelia twijfelt echter aan de bedoelingen van Kelso en rent terug naar de toren. Bij haar terugkomst heeft Albertstein een verrassing voor haar. Argus is gerepareerd en kan nu ook spreken. Hij waarschuwt dan ook meteen het gezelschap, wanneer hij ontdekt dat Johan een ontsnappingspoging onderneemt. Johan is echter al te ver om hem nog in te kunnen halen. Hierop stuurt Albertstein Argus achter hem aan om hem vanop een afstand te volgen.
Johan bereikt intussen het vissersdorp en gaat er op verkenning. Hij treft er een oud vrouwtje aan dat nog wel leeft, maar niet meer lijkt te ademen en ijskoud aanvoelt. Plots wordt Johan overvallen door de strandjutters. Hij doet een uitval maar bevindt zich tegenover een overmacht. Net op tijd komt Kelso hem ter hulp. De rovers gaan op de vlucht, en Johan volgt Kelso naar de rotsen waar deze een geheime schuilplaats heeft. In de schuilplaats bemerkt Johan een partij wapens. Kelso vertelt Johan zijn verhaal. Hij onderzoekt de geheimzinnige gebeurtenissen in de omgeving in opdracht van de koning. Johan besluit Kelso zijn hulp te verlenen. Ze werden echter door Argus bespied en zijn nu verplicht snel te handelen. Albertstein is ingelicht en stuurt Beyre op de twee mannen af. Aelia tracht Albertstein te overhalen om Kelso, haar geliefde te sparen, maar Albertstein is onverbiddelijk. Ook de strandjutters zijn Johan en Kelso op het spoor. Zij willen met hen afrekenen. Plots duikt Beyre op voor de strandjutters. In een vreselijk gevecht doodt Beyre alle strandjutters. Johan en Kelso hebben ondertussen veilig de toren bereikt en weten binnen te geraken. Daar wacht Aelia hen op. Angstig zet ze de beide mannen aan om te vluchten, te laat echter, een gas komt de kamer binnen en beide mannen verliezen het bewustzijn. Wanneer ze weer bijkomen zijn ze Albertsteins gevangenen. Albertstein zal ze gebruiken als proefkonijn. Hij zal hun hersenen inbrengen in mechanische lichamen en zo een kunstmens creëren. Beyre was zo een vroeg experiment.
Met een wapen dat werkt op bliksemenergie kan hij de kunstmensen controleren. Alvorens Johan en Kelso onder de bewaking van Aelia en Beyre achter te laten verklaart hij nog de functie van de groene straal. Deze werkt hypnotiserend en lokt de bewoners naar de zwarte toren. Langdurig gebruik beschadigt de hersenen echter, wat de willoosheid tot gevolg heeft. Albertstein verkreeg zijn kennis door dromen. Een kruidenmengsel stelt hem in staat zelf zijn dromen te kiezen. Dromen over de toekomst. Albertstein gaat naar zijn kamer om te dromen. Johan en Kelso trachten Aelia nu te overhalen om hen te helpen. Samen met Argus besluit ze de mannen te helpen. Beyre vormt echter een gevaarlijk opstakel. Argus zorgt voor de afleiding, zodat Aelia de trappen op kan om Albertsteins wapen te bemachtigen. Beyre wordt uitgeschakeld door Aelia waarna ze Johan en Kelso bevrijdt. Er is brand ontstaan in de toren, een furieuze Albertstein roept om wraak, maar staat intussen zelf in brand. Radeloos springt hij door het raam. Aelia lijkt haar zinnen kwijt te zijn en springt hem achterna. Beyre is terug bij zijn positieven gekomen en valt Johan en Kelso aan. Johan rekent voorgoed met hem af.
Kelso heeft ondertussen het lichaam van Aelia gevonden. Ook zij was een mechanische kunstmens. Albertsteins lichaam is echter spoorloos.
De volgende morgen is de zwarte toren nog slechts een rokende ruïne. Dankzij Johan en Kelso is de streek verlost van het kwade.
Argus cirkelde als enige overlevende nog een tijd rond de resten van de zwarte toren, tot op een dag een oude man hem kwam halen…

In dit album maakte Biddeloo nog eens succesvol gebruik van het gegeven science –fiction. Robots met een menselijk brein, je zou het verwachten in Star Trek. Niettemin is het science fiction element in dit verhaal van zeer hoog niveau. Het optreden van Albertstein ( Einstein ) en Beyre ( Frankenstein ) geven het verhaal een herkenbare en grappige noot. Zonder deze grappige noot was het een bloedstollend horrorverhaal geworden dat je zo naast Vrykolakas kon leggen. Het typeert Karel dan ook dat hij koos voor een luchtiger verhaal. Overigens heeft Karel voor alle science fiction elementen een middeleeuwse verklaring (Albertstein droomt door middel van een geheim kruidenmengsel van de toekomst) en leunt daarbij aan bij de mysterieën rond de figuur van Leonardo da vinci, die ook uitvindingen deed, die wel it de toenmalige verre toekomst leken te komen.
Qua tekenwerk zitten we in een topperiode, sfeervolle inkleuring en prachtige decors komen de duistere sfeer van het verhaal volledig ten goede.

** Let op het hoofd van C3PO op strook 59!

Encyclopedie

Personages

Locaties

Voorwerpen

Quote van de dag

Je bent dichter bij de hel dan je biechtvader ooit kon vermoeden, hondsvot!

 

Johan in 'De Judasgraal'