Headline

Slogan

Inlog formulier

Nieuwsbrieven

Blijf op de hoogte over De Rode Ridder! Selecteer hieronder de nieuwsitems waarvoor U zich wenst in te schrijven.

055. De koraalburcht

Algemene informatie

Tekeningen

Scenario

Uitgiftejaar

1972

Op een rotsachtige kust merkt Johan toevallig het wrak van een galjoen op. In het wrak ontdekt hij slierten zeewier die naar het ruim leiden. Enkele vissers vertellen hem dat er regelmatig wrakken aanspoelen zonder enig spoor van lading noch bemanning. Zij verwijzen hem naar vrouwe Iris, die in de nabije burcht woont in gezelschap van haar kleine zusje Sigrid. Iris bestempelt de vertelsels als bijgeloof, net zoals een andere fabel: op de zeebodem zou zich de Koraalburcht bevinden, waarin de zeeheks Murena woont, die heerst over de zeeduivels: half-mens half-vis gedrochten.

Johan blijft in de burcht overnachten, maar wordt wakker geschreeuwd door Iris: zij werd in haar slaapkamer bedreigd door Murena, die wil dat Johan het slot verlaat. Johan vindt enkel een spoor van zeewier terug en een amulet in de vorm van een oester. Tegen de ochtend verschijnt Merlijn in een visioen aan Johan en laat hem het amulet openen, waarin zich de steen van het kwaad bevindt, die toebehoort aan Murena.

Johan rijdt de volgende dag naar een herberg. Het embleem van de herberg is een argant: een reusachtige octopus. De waard vertelt Johan dat de arganten in feite vrienden van de mensen zijn omdat zij reeds menig drenkeling gered hebben. Plots betreden een aantal in pijen gehulde mannen de herberg in het gezelschap van een jonge vrouw. Al gauw beginnen de geheimzinnige mannen te vechten met de herbergbezoekers, tot Johan orde op zaken stelt.

Later die dag bemerkt Johan de jonge vrouw nabij een scheepswrak. Opeens wordt ze gegrepen door een argant die haar het water insleurt - onverklaarbaar, want normaal vallen arganten geen mensen aan. Met zijn zwaard kan Johan haar bevrijden, en voor hij het bewustzijn verliest merkt hij op de zeebodem de Koraalburcht op. Hij wordt gered door vissers en herstelt in de herberg, waar hij door een visioen van Merlijn net op tijd ontwaakt om een aanslag van de zeeduivels af te slaan. Ze ontvoeren in hun vlucht de jonge vrouw, en Johan achtervolgt hen tot aan een vastgelopen schip, waar de zeeduivels de opvarenden overvallen. Johan staat de bemanning bij, maar resteert als enige overlevende op het moment dat Iris met haar garnizoen de overblijvende zeeduivels verjagen. De jonge vrouw is echter verdwenen.

In de burcht blijkt dat tijdens hun afwezigheid Sigrid werd ontvoerd door Murena. Via een verschijning laat Murena weten dat ze Sigrid wil ruilen tegen de steen van het kwaad. Nog voor de avond heeft het hele garnizoen de burcht verlaten: zij werden omgekocht door Murena. De kapitein overleeft een gevecht met Johan niet, en met zijn laatste woorden waarschuwt hij Johan dat er hem een hinderlaag wacht in de geheime gang naar de Koraalburcht.

Die avond ontmoeten Johan en Iris op de kustrotsen Murena en de gegijzelde Sigrid. Nadat Murena het amulet met de steen van het kwaad krijgt van Johan, verdwijnt zij met Sigrid in de golven. Daarop lopen Johan en Iris de geheimzinnige jonge vrouw met de haar vergezellende mannen in pijen tegen het lijf. De vrouw weet waar de Koraalburcht is. Ondanks hun wantouwen laten Johan en Iris zich overtuigen om haar door de geheime gang naar de Koraalburcht te volgen. Daar haalt de jonge vrouw Sigrid te voorschijn. Wanneer Johan opmerkt dat de mysterieuze vrouw het amulet draagt, ontmaskert zij zichzelf als Murena! De geheimzinnige mannen laten hun pijen vallen: het zijn zeeduivels!

Ondanks hevig verweer moet Johan zwichten voor de overmacht, waarbij hij ernstig gekwetst wordt. Wanneer Johan het aanbod van Murena om deelgenoot te worden van de steen van het kwaad afslaat is het lot van hem, Iris en Sigrid bezegeld: zij worden geboeid in een kamer van de Koraalburcht gelegd, waar de vloed hen weldra zal verzwelgen. In de kamer is een raam, waarachter de arganten zich verdringen omdat ze mensen opgemerkt hebben. De gevangenen kunnen zich bevrijden, en Johan overtuigt Iris en Sigrid om te ontsnappen; zelf is hij immers te zeer verzwakt. Met zijn laatste krachten versplintert hij het raam, waarop de arganten de Koraalburcht binnenstromen en korte metten maken met hun aartsvijanden Murena en de zeeduivels.

Op de rotskust wachten Iris en Sigrid tevergeefs op Johan, tot ze een argant bemerken die voorzichtig het roerloze lichaam van Johan op de rotsen legt. Na een spoedig herstel in de burcht zegt Johan Iris vaarwel en rijdt langs de rotskust de einder tegemoet.

In dit verhaal wordt voluit voor het fantastische en mysterieuze gegaan: de Rode Ridder krijgt te maken met visioenen en verschijningen, gedrochten met menselijke trekken, reusachtige octopussen met intelligentie, en een onderwaterburcht, die geen onbekende is in de mythologie. Het is allemaal redelijk overdonderend en tevens profetisch voor veel latere Rode Ridder-verhalen. Toch wordt er met deze ingrediënten nergens overdreven, al is het soms wel op het randje.

Iris is tevens haar tijd in de Rode Ridder-verhalen vooruit omdat zij een wulpse verschijning is, alhoewel alles binnen de perken blijft, dus veel minder uitgesproken dan bijvoorbeeld in de recente verhalen. De arganten boezemen door hun reusachtigheid ontzag in en spelen een stilzwijgende doch belangrijke rol, die beangstigend wordt vanaf het moment dat de jonge vrouw de zee wordt ingesleurd. Je weet dat ook deze arganten waarschijnlijk een kwade rol vervullen, waarmee dit verhaal met tegenstanders als Murena, de zeeduivels en de arganten bijna gedoemd lijkt om slecht af te lopen. Pas wanneer de jonge vrouw als Murena wordt ontmaskert kan men zich realiseren dat de arganten vijanden zijn van Murena en de zeeduivels.

Over het hele verhaal hangt een nadrukkelijke duisternis, goed in de verf gezet door de enscenering op de sinistere rotskust. Ik zou de sfeer van dit verhaal kunnen vergelijken met enkele donkere Britse zwart-wit films uit de jaren veertig en vijftig, waar weinig hoop uitstraalt maar wel veel vaart in zit. Weliswaar overleven Johan, Iris en Sigrid dit verhaal ongedeerd, toch kan niet gesproken worden van een happy end omdat de dreigende sfeer bij het afscheid blijft overheersen, en daarmee voor een bijna tastbare triestheid zorgt als einde.

De tekeningen zijn van een goed niveau, vooral in het begin van het verhaal. Hierbij kan ik concluderen dat dit een van de betere Rode Ridder-verhalen is.

Encyclopedie

Personages

Quote van de dag

Op mijn riddereer zweer ik dit land niet te verlaten vooraleer de demonen die deze misdaad pleegden, gestraft zijn!

Johan in 'De galmende kinkhoorns'