Wanneer blijkt dat er een verrader in de burcht is neemt Gawain een drastische beslissing: hij stuurt alle personeel uit het kasteel en rekent louter op de sterkte van de ridders die hem ter hulp snelden. De Kapitein van de wacht is hier ten zeerste verbolgen over. Eén van de ridders kan immers evengoed de indringer zijn. Wanneer Kunar hem aanmaant om zijn woorden te letten, vraagt hij Kunar echter om een verklaring om wat hij 's morgens in de kamer van Hilde uitvoerde.
Even lijkt het tot een gevecht tussen beide heren te komen. Een tussenkomst van de Rode Ridder weet dit echter te vermijden.
De soldenierskapitein van Horst, een stevig heerschap dat bij momenten net ietsje te zelfzeker is. Dat levert hem af en toe het deksel op de neus op. In Johan moet hij zijn meerdere herkennen, hij krijgt dan ook respect voor de rode ridder. Aan plichtsbesef ontbreekt het deze man zeker en vast niet, hij neemt zijn job zeer ernstig. Hij is steeds op zoek naar een reden om Urban, de nar eens goed aan te pakken.
Karak is de rechterhand van Belluna, tot Johan in haar leven opduikt. De jaloerse krijger valt daarop Johan aan, die hem makkelijk uitschakelt. Johan spaart hem het leven echter, waarvoor de man hem zeer dankbaar is. Samen met Johan wil hij de val van Belluna bewerkstelligen. Wanneer hij samen met Johan naar de nederzetting gaat, helpt hij Johan een lawine te veroorzaken die ervoor zorgt dat de versterkingen de maantempel niet kunnen bereiken. Beide mannen worden echter verraden, ze verwachten dus een hete thuiskomst. En inderdaad, bij hun aankomst aan de maantempel staat Belluna hen op te wachten. Voor ze het weten zijn Johan en Karak omsingeld. Met onverschrokken moed gaan de beide mannen ten aanval, tijdens deze aanval wordt karak dodelijk getroffen door een pijl in de borst.
Woont in het moeras waar hij leeft van de jacht. Hij vindt Johan nadat deze gebeten werd door een gifslang. Vervolgens brengt hij Johan bij de heks Hvissa en haar pleegdochter Mahité op wie hij verliefd is. Wanneer Mahité de twee boeven Mordok en Banjas vergezelt op een expeditie naar de "Hellebron", zetten hij en Johan de achtervolging in. Mordok en Banjas, die beide dienaren zijn Bahaal, zijn op hun hoede en roepen de hulp in Bahaal die een vliegend gedrocht op Johan en kareb afstuurt. Ze weten het gedrocht te verslaan en met de hulp van Galaxa bereiken ze hun einddoel. Eénmaal aangekomen blijkt dat Mordok en Banjas elkaar hebben gedood en dat de tempel overwoekerd wordt door vleesetende planten. Kort daarop vinden ze Mahité die wist te ontkomen. Met de hulp van de "drakenridders" bindt Johan de strijd aan met de gedrochten van Bahaal terwijl Kareb en Mahité schuilen in een tempel. Bahaal stuurt echter een reuzengrote wurgplant op hen af. Gelukkig worden ze tijdig gered door Johan. Op hett einde schenkt Galaxa Kareb en Mahité een juweel als aandenken aan het avontuur. Kareb en Mahité trouwen en vestigen zich kort daarop in het moeras.
Wettelijke opvolger van de Franse troon, die Frankrijk verder zal leiden in de 100-jarige oorlog. Jeanne’ D’Arc geeft hem hernieuwde hoop en kracht. Zijn hof biedt de ideale schuilplaats voor enkele verraders en intriganten. Later wordt hij gekroond tot Karel VII van Frankrijk. Karel kan echter nooit zijn hand laten gelden, overal aan zijn hof zijn intriganten aan het werk, waardoor hij uiteindelijk ook niets meer voor Jeanne kan doen.
De aangenomen dochter van de sekteleider Thoran. Haar echte ouders waren in werkelijkheid de eerste slachtoffers van Thoran en zijn sekte. Karin wordt gered door Johan van een woeste beer, en uit dank neemt zij hem tot slaaf om hem te redden van de dood op de offertafel. Als de geliefde van Gildor de houthakker brengt ze Johan ongewild in gevaar, door de jaloezie van haar geliefde. Ontsnapt samen met Johan, en vertrekt met Gildor naar andere streken om daar samen een bestaan op te bouwen.
Karin is de dochter van Gundar van Wolvensteen en zijn vrouw Agnes. Ze was nog maar een baby toen ze en haar moeder door Gonda de heks via een geheime gang werden gered toen de Zeven haar vader vermoordden en het ouderlijk slot in brand staken.
Leider der verkenners van de menseneters. Hij wordt door de Rode Ridder gered van een sabeltandtijger. Desondanks waarschuwt hij zijn stamgenoten om Johan, Jocelyn en de zeelui gevangen te nemen. Toch toont hij erkentelijkheid en bezorgt hij Johans zwaard terug. Als Johan later tijdens de ontsnappingspoging tegenover hem staat, aarzelen beide mannen om hun wapens te gebruiken. Hierop wordt Karungi omgebracht door een stamgenoot.
Kate is de dochter van Jensen en werkt als kamermeisje voor vrouwe Rosana. Ze maakt Johan erop attent dat Jensen meer weet over de schim. Later, wanneer Johan gevangen zit in de kerker van de Elfenburcht redt Kate hem het leven. Ze helpt hem ontsnappen, zodat Johan tijdig kan ingrijpen om Jensen en de Schim te bevrijden.
Eén van de drie reuzen die de wegen naar het slot van Kian bewaken. Zij vallen Johan, Lancelot en Burdoch aan tijdens hun tocht. Morna wordt dodelijk verwond door Burdoch. Johan en Burdoch vluchten het wou in, Lancelot rijdt in de andere richting. Keelta en Dermot laten hun gevallen broer liggen en gaan achter Lancelot aan. Ze weten Lancelot te vangen. Johan treft de zieltogende Morna aan en wil hem helpen. Morna is zo onder de indruk van dit menslievende gebaar dat hij Johan wil helpen Lancelot te bevrijden. Op die manier ontstaat er een hevige strijdt, Morna neemt Keelta in een dodelijke greep vast, maar ook Johan laat zich niet onbetuigd, hij velt Dermot met zijn zwaard. Jammer genoeg bezwijkt Morna aan zijn verwondingen. De 3 reuzen zijn niet meer!
De keizer van Byzantium, een van de machtigste mannen op aarde. In Oniria, de dromenwereld is hij echter uiterst kwetsbaar. Iemand tracht hem in zijn dromen uit te schakelen. De toestand wordt steeds erger, zijn magiër Nicephorus tracht met de hulp van Johan en Merlijn een oplossing te vinden. Via gouden runebanden kunnen zij mee in de droom van de keizer en kunnen ze hem helpen zich te verdedigen. Na een hevige strijd neemt diegene die het op de keizer gemunt heeft deel aan de droom. Het is de keizerin Shizzoë. Merlijn’s tussenkomst zet haar echter al snel buitenspel, ze moet haar ware identiteit prijsgeven. Zij is de keizerin niet, het is Demoniah, die een tijd geleden de plaats van de keizerin innam en de echte keizerin gevangen houdt. Bevrijd van Demoniah lijkt de nachtmerrie voorbij. Johan zorgt ervoor dat het keizerlijke echtpaar weer herenigd wordt.
De vrouw van keizer Basilius van het Byzantijnse rijk. Haar man wordt gekweld door aanslagen tijdens zijn dromen. Keizerin Shizzoë is echter niet de echte keizerin. Het is Demoniah, zij nam de keizerin gevangen en houdt haar verborgen in de armenwijk. Ze nam haar plaats in om de val van Basilius te bewerkstelligen. Wanneer dit bedrog uitkomt, en Demoniah verslagen is, levert zij de keizerin uit, in ruil voor haar eigen leven. Eind goed, al goed dus voor keizerin Shizzoë.
Kelso mengt zich onder de strandjutters om onopvallend een opdracht voor zijn vorst uit te voeren. Het onderzoeken van de geheimzinnige gebeurtenissen rond de zwarte toren. In zijn rol van strandjutter komt hij vlak tegenover Johan te staan. Later redt hij Johan van de strandjutters en neemt hem mee naar zijn geheime bergplaats. Johan verneemt er Kelso’s ware bedoelingen en sluit zich bij hem aan. Wanneer Argus hun plannen vernomen heeft en Beyre eropuit gezonden wordt om met hen af te rekenen reppen ze zich naar de zwarte toren. Ondanks de waarschuwing van Kelso’s geliefde Aelia worden ze gevangengenomen. Johan en Kelso zullen gebruikt worden als proefkonijn , hun hersenen zullen in een mechanisch lichaam ingebracht worden. Aelia weet hen echter tijdig te bevrijden zodat ze met Albertstein en zijn knecht Beyre kunnen afrekenen. Albertstein springt doot het raam wanneer zijn kledij in brand staat. Aelia springt hem achterna. Van Albertstein’s lichaam is achteraf niets meer te bespeuren, Aelia blijkt een robot te zijn. Het heeft Kelso gepakt, maar hij is blij dat het kwade verdreven is.
Kemoc is de rechterhand van Decca en speurt samen met haar de omgeving af op zoek naar Deirdre. Op bevel van Decca tracht hij Johan uit te schakelen. Schijnbaar lukt hem dit. Later, wanneer hij met Decca de hoeve van Golmar binnengevallen is sterft hij tijdens het gevecht onder het zwaard van Golmar.
Vanuit zijn burcht voert deze heer een schrikbewind. De bewoners zien zich dan ook genoodzaakt plunderend en rovend de streek te teisteren. Op een dag ontvoeren ze Yolande, de dochter van heer Kendall. Johan komt tussenbeide en aanhoort de grieven van Cym en zijn bende; Hij besluit Yolande thuis te brengen en met heer Kendall te spreken. Deze heeft zijn eed aan koning Arthur naast zich neergelegd en is niet van plan daar verandering in te brengen. Hij laat Johan arresteren, maar wanneer Cym en zijn manschappen tussenbeide komen staat hij met de rug tegen de muur. Gelukkig ziet hij nu in dat hij verkeerd was. Hij vraagt Johan te helpen bij het herstellen van het beleid. Cym en zijn manschappen krijgen een rustig bestaan aangeboden, met de kans om actief aan de wederopbouw van de streek te werken. Heer Kendall zal in het nieuwe Brittannië actief meewerken aan de herstel van het legendarische koninkrijk.
Deze visser zit in het complot om de Franse oorlogsvloot te Sluis te vernietigen. Door het verraad van Maarten Halvoet kon hij echter nooit tot actie overgaan.
Kerkid, de tolmeester, oefent een waar schrikbewind uit over het gebied dat onder zijn bestuur valt. Zijn kasteel beheerst de Urashrivier, en wie de rivier wil oversteken, moet een forse tol betalen. De bewoners van een nabijgelegen vissersdorpje zuchten onder het bewind van de tolmeester, die de vissersvrouwen onder bewaking van zijn soldeniers naar parels laat duiken, en nauw samenwerkt met Zamul de hogepriester om de schrik onder de bevolking er goed in te houden.
Kerwon is een ronde tafelridder, die samen met zijn strijdmakker en ronde tafelridder Alkan in het Noorderland een opdracht uitoefent voor koning Arthur. Ze zijn op terugtocht en bereiken hun schip, dat voor anker ligt in een fjord. Het schip wordt aangevallen door Kobolden. De ridders vallen de kobolden aan en jagen ze op de vlucht. Ze bemachtigen een prachtige drinkhoorn. Te Camelot tonen ze de prachtige hoorn aan koning Arthur en zijn gevolg. Prinses deirdre ziet de hoorn en valt flauw. Het is de hoorn van koning Ronjar, haar vader. Het feit dat de hoorn in bezit was van de Kobolden bewijst dat haar vader dood is.
Hij is de tweelingbroer van Merlijn (werd pas vermeld in de kronieken)en maakte zijn debuut in "Kerwyn, de Magiër". Hij weet de jonge Walewyn gevangen te nemen en luist Lancelot erin door hem te doen geloven dat hij een duel met hem gaat uitvechten. Lancelot verslaat zijn tegenstander, maar komt er achter dat hij niet kerwyn maar Walewyn heeft verslagen. Walewyn wordt later door Johan gevonden en begraven. Kerwyn zelf sterft onder het zwaard van lancelot. Kerwyn was eveneens de leermeester van Bahaal, die toen nog Niemand heette. Is Kerwyn echter wel dood?
Kessul is een rijke koopman die de aanvallen van het dievengilde beu is. Hij huurde Mirabel in om Bjornoz, leider van het dievengilde, te vermoorden. Hij kon echter niet weten dat Bjornoz dit te weten kwam en nog meer wilde betalen voor een gelijkaardige opdracht, met Kessul in de rol van slachtoffer. Mirabel speelde het spelletje goed, en Kessul wordt het slachtoffer van zijn eigen intriges.
